Anno november 1980
Loek kijkt op haar horloge; het kan nog net.
Ze draait het nummer van Jeff…
De telefoon gaat over. Het duurt nogal.
Juist als ze de hoorn wil neerleggen wordt er opgenomen.
“Muller!” hoort ze.
“Wat zegt u?” Ze denkt het verkeerd verstaan te hebben.
“Leo Muller,” met wie spreek ik?”
“Sorry, ik ben verkeerd verbonden.”
Geamuseerd klinkt het: “Zo werkt dat niet; u heeft verkeerd gedraaid, bedoelt u. Wie wilde u bellen?”
“Mijn broer, Jeff Adema…”
“Oh… dat is ook toevallig, mijn vrouw heet Adema; Marjanne Adema, klinkt dat bekend?”
“Nee, ik heb geen zusjes, alleen een broer.”
“Ook geen nichtje met die naam? Mijn vrouw zou dat heel leuk vinden.”
“Nee, het spijt me.
En ik heet ook geen Marjanne, ik heet Loek.
Het was aardig dat u met mij wilde praten, maar ik moet nu echt ophangen en mijn broer bellen, want hij is jarig.”
“Nee toch… ik kan het haast niet geloven, want mijn vrouw is vandaag ook jarig. Ze is vierendertig jaar geworden.”
“Onze Jeff is ook vierendertig geworden…”
Loek krijgt het er warm van.
“Toeval bestaat dus toch!” Leo zegt wat Loek denkt.
Opeens ontwaakt ze uit de trance.
“Ik weet wel wat jullie aan het doen zijn hoor! Jij moet mij voor de gek houden terwijl Jeff zich een hoedje lacht. En dan zegt hij straks dat dit zijn mooiste cadeau was. Zeg hem maar dat je je best hebt gedaan, maar dat Loek toch slimmer is dan hij dacht.”
“Ho… wacht even Jongedame! Ik ben géén medeplichtige van je plaagzieke broer! Alhoewel… wanneer ik dit straks aan mijn vrouw vertel, ligt ze in een deuk!”
“Mag ik uw vrouw even aan de telefoon? Dan feliciteer ik haar!” dacht Loek slim te zijn.
“Marjanne is de hond uitlaten met ons buurmeisje Sadie en na het uitlaten brengt ze haar naar huis. Als je wilt kun je over een uurtje bellen, dan is ze zeker weer terug.”
“Mag ik uw nummer?”
“Natuurlijk, maar je hoeft alleen maar op de herhaaltoets te drukken. Je hebt me nu ook gebeld.”
“Dat is waar. Ik ga eerst Jeff bellen en dan bel ik over een uurtje terug.”
Zorgvuldig draait ze het nummer van Jeff.
“Loekie!”
“Ha Jeff, van harte hè, met je vierendertigste!”
“Toen je niet belde dacht ik dat je misschien nog zou komen… Heb je late dienst gehad?”
“Nee, dat is het niet. Ik werd een beetje opgehouden. En toen ik je eindelijk wilde bellen, had ik een verkeerd nummer gedraaid en… ja, het klinkt misschien gek, maar toen had ik een gesprek met de man die de telefoon aannam. Hij heet Leo Muller.”
“Hoezo, ken je die dan?”
“Nee, maar ik zei dat ik jou moest hebben en toen vroeg hij hoe je heet. Ik zei Jeff Adema. En toen zei hij dat zijn vrouw ook Adema heet en dat zij vandaag ook jarig is en dat ze vierendertig jaar geworden is.”
“Is dit een grap?” vraagt Jeff.
“Sta je voor de deur met een nieuw vriendje?”
“Nee, echt niet! Ik dacht dat jij een grap met mij uithaalde, maar niemand is grappen aan het maken.
Ik heb het nummer. Jouw laatste cijfer is een twee en het nummer van die mensen is hetzelfde, maar eindigt op drie.”
“Dat is ook toevallig! Dezelfde naam en even oud!”
“Ja… en weet je hoe zij heet? Marjanne… Die man, Leo, vroeg of er in onze familie ook een Marjanne voorkomt.
Ik dacht van niet. Heb jij die naam ooit gehoord?”
Het bleef even stil.
“Ja, die naam ken ik wel.”
“Wat? Hoe bedoel je? Is het familie, ken je haar?”
“Loekie, jij bent onze jongste. Onze vader heeft jou altijd willen beschermen.
Wat ik over Marjanne weet is geen mooi verhaal en jij hoort het ook te weten; ook al hebben we er in geen jaren over gepraat.
Geloof me Loek, dit is niet iets dat we zomaar even over de telefoon bespreken.”
“Zal ik morgen komen?”
“Aha… dametje Loekie is nieuwsgierig!” plaagde hij haar.
Ondanks de ernst van de zaak, kan hij dat toch niet laten.
“Kom morgen maar eten, dat zal Roos fijn vinden, want het is haar vrije dag. Die gaat zich vast en zeker uitleven in de keuken en je weet… niks doet ze liever dan dat.”
“Daar verheug ik me bij voorbaat op!”
De volgende dag is Loek al vroeg present.
Jeff is er nog niet en Roos zwaait met een houten spatel, alsof het een toverstaf is.
“Kom d’r maar gauw in, het is waterkoud!”
Roos trekt haar naar binnen en knuffelt haar.
“Gefeliciteerd met Jeff!”
“En jij ook nog met mijn lieve broertje!”
Loek hangt haar jas weg, volgt Roos naar de keuken en hijst zich op een barkruk.
“Wat ben je aan het maken? Het ruikt hier zalig!
“Ach, je kent me… ik doe maar wat.” Zegt Roos bescheiden.
“Ja… maar je bent wel een “professore in het -doemaarwatten-“
Loek benadrukt haar uitspraak met een sierlijk handgebaar en een Italiaans uithaaltje.
“Dank u, dank u…” lacht Roos en tovert een paar warm geroosterde sneden brood tevoorschijn, die ze schuin doorsnijdt en bedekt met een tomaten prutje, afgemaakt met een blaadje basilicum.
Loek krijgt een bordje heerlijks voor haar neus en Roos zet er een glas warme wijn bij.
“Dit startertje warmt je op. Ik vind het zo leuk dat je alsnog Jeff zijn verjaardag komt helpen vieren.!”
“Heeft Jeff niets gezegd over het telefoontje?”
“Ja… dat jij gebeld hebt en dat je komt eten enne…”
“Wat zei hij nog meer?”
“Nou, niks eigenlijk. Het was al laat en toen hebben we ons eigen feestje voor die dag gevierd.”
Roos geeft haar lachend een schalkse knipoog.
Niet veel later komt Jeff thuis en deelt mee dat het waterkoud is. Hij plaagt Roos door zijn koude handen in haar nek te leggen, wat haar een gilletje ontlokt.
Loek krijgt een knuffel en net als ze denkt dat zij aan zijn koude handen is ontsnapt, pakt hij haar ook.
“Wacht maar tot je d’r niet op verdacht bent; dan nemen we wraak! Hè Roos?”
Ze gaan aan tafel en praten gezellig met elkaar over dingen die er voor hen toe doen. Alleen één onderwerp wordt als bij afspraak vermeden en dat is het telefoongesprek van de vorige dag.
Jeff heeft Loek dringend gevraagd Leo Muller niet terug te bellen om zijn vrouw te feliciteren.
Niet voordat hij met haar gesproken heeft.
Na het eten zet Jeff koffie en ruimt de vaatwasser in. Met hun koffie in de hand nestelen Loek en Roos zich op de bank in de zitkamer, waar de waterdamphaard gezelligheid uitstraalt.
Jeff lacht en grapt niet meer, maar gaat met een ernstig gezicht tegenover hen zitten.
“Wat ik nu ga vertellen gaat niet alleen jou aan, Loek, maar dit is ook nieuw voor Roos.
Zoals je weet is jouw moeder niet mijn moeder.
Mijn moeder was een fragiele vrouw.
Toen ik geboren werd, kwam er een kwartier na mij nog een kindje, een meisje. Ze was heel klein en moest gelijk naar het ziekenhuis.
Mijn moeder heeft nooit geweten dat ze een tweede baby heeft gekregen en dat had ze ook niet aangekund.
Mijn vader noemde haar Marjanne.
Ze bleef een paar maanden in de couveuse en mijn vader ging er regelmatig naartoe.
Hij durfde het niet tegen mijn moeder te vertellen, want hij was bang wat dat met haar zou doen.
Het weghouden van het kleine meisje mocht niet baten. Voordat Marjanne uit het ziekenhuis kwam, heeft mijn moeder een einde aan haar leven gemaakt.”
Loek kon niet wachten…
“Probeer je te zeggen dat die Marjanne jouw tweelingzus zou kunnen zijn?”
“Inderdaad. Je kunt zeggen: Toeval bestaat niet, maar dezelfde naam, achternaam èn dezelfde geboortedag, maakt bij mij een luikje open, waarvan ik dacht dat het niet meer open kon, omdat de sleutel daarvan jaren geleden is begraven, tegelijk met het overlijden van mijn vader.”
“Kende papa mijn moeder toen al?”
“Nee, dat is pas veel later gebeurd. Hij is wel een jaar of tien alleen gebleven. Ik weet nog dat hij ons aan elkaar heeft voorgesteld.
Jouw moeder was een stuk jonger dan hij en ik vond haar gelijk lief en mooi.”
Jeff gaat een glas water halen. Hij had niet verwacht dat het vertellen van het verhaal zoveel met hem zou doen. Hij neemt een slok en schraapt zijn keel.
“Even terug naar Marjanne.” zegt hij.
Loek en Roos blijven hem geboeid aankijken.
“Vlak na mijn moeders begrafenis kwam er bericht uit het ziekenhuis dat Marjanne naar huis mocht.
Mijn vader was een man alleen met een baby en een baan en een hypotheek. Nog een tweede, zeer kwetsbare baby, kon hij niet aan.
Hij heeft hulp gevraagd bij de kerk. Ik heb daar geen herinneringen aan, want ik was natuurlijk zelf nog een baby.
Volgens mijn vader was ik sterk en kon wel een stootje verdragen, maar met Marjanne was het anders.
Zij was fragiel, net als onze moeder.
Mijn vader hield veel van haar.
Uit liefde heeft hij afstand van haar gedaan, onder voorwaarde dat ze haar namen zou behouden.
Hierbij heeft mijn vader een aanname gedaan en daarna gehandeld: Omdat ze fysiek zo klein en teer was, nam hij aan dat ze mentaal ook op onze moeder zou lijken.
Volgens hem kon ze in een rustig Christelijk gezin vredig opgroeien en functioneren, als ze maar niet werd geconfronteerd met de droevige geschiedenis van haar moeder.” Jeff pakt zijn glas en neemt nog een slokje.
“Toen vader ziek werd en we niet veel later hoorden dat hij niet lang meer te leven had, heb ik hem gevraagd mij te vertellen waar mijn zusje is. Dat weigerde hij botweg. Hij ging ervan uit dat iemand als ik haar meer kwaad dan goed zou doen.”
Geëmotioneerd snuift hij en veegt een traan weg.
“Onomwonden kreeg ik te horen dat hij ervoor gezorgd had dat ik een stèrk zusje had; waarmee hij jou bedoelde Loek.”
Jeff snuit zijn neus en gaat verder…
“Op een gegeven moment gedroeg hij zich of hij God zelf was. In zijn beleving had God een fout gemaakt; maar hij, Jan Adema, had dat even recht gezet!
Misschien had die starre houding met zijn ziekte te maken, dat weet ik niet. Maar ik heb mij al die jaren afgevraagd waar onze Marjanne is.
Ik wil dit met jullie doen. Ik ga jullie niet buitensluiten zoals mijn vader met mij heeft gedaan.”
Eindelijk liet Roos zich horen: “Wat een verhaal! Dit is nogal wat. Hoe kan je vader, die jou je hele leven al kent, er nou vanuit gaan dat jij je zusje kwaad zou doen.
Je bent de liefste man die ik ooit gekend heb!”
Ook Loek heeft betraande ogen.
“Als zij het is, dan heb ik een zusje!”
“En ik krijg er een schoonzusje bij!” roept Roos.
“Wat gaan we nou doen?” vraagt Loek.
“Dat wil ik met jullie overleggen.”
Jeff kijkt zijn zusje aan.
“Loek, als jij nog eens belt en uitlegt dat je broer een en ander over ‘Marjanne’ weet… zou dat werken?
Misschien kun je er een uitnodiging aan vastknopen?”
Volgens Roos moet het anders; we moeten hun vertrouwen winnen.
“We staan onze gegevens af, zodat ze ons kunnen natrekken. Dan weten ze dat we geen criminelen zijn. En…” gaat ze verder. “Jeff, jij geeft je precieze geboortegegevens op. Hoe waar en wanneer.
Daar staat ook bij vermeld dat je de helft van een tweeling bent.”
Ze spreken af dat Jeff zijn gegevens op papier zet.
Omdat ze niet anders hebben dan een telefoonnummer, mag Loek er nog een telefoontje aan wagen.
Ze vindt het spannend.
Het duurt weer vrij lang voor er wordt opgenomen.
“Muller!”
“Dag Leo, ik ben het, Loek Adema.
Ik zou nog terugbellen, maar gisteren kwam het er niet van. Ik ben bij mijn broer en u staat op de speaker”
“Loek Adema, dat is een verrassing, daar hadden we niet meer op gerekend.”
“Ik heb het gesprek dat wij gisteren hadden met mijn broer Jeff gedeeld. Hij is nogal geïntrigeerd door hetgeen u over uw vrouw heeft verteld. Hij is bekend met de naam Marjanne. Als u uw adres aan ons wilt doorgeven, krijgt u van ons een brief met de gegevens van de Adema’s èn onze contactgegevens.
Op deze manier kunt u ons natrekken en wanneer u en uw vrouw ons willen ontmoeten, zijn we daar graag toe bereid.”
“Dat is een verrassing, vooral voor Marjanne. Wij kijken uit naar de brief en zullen zo spoedig mogelijk reageren.
Nog een prettige avond!”
Leo wil bijna ophangen, als Loek roept: “Niet ophangen Leo! Ik moet jullie adres nog hebben…
Hij geeft het adres door. Ze blijken aan de andere kant van de stad te wonen.
Jeff krijgt haast. Hij zet al zijn gegevens op papier, stopt ze in een envelop en trekt zijn jas aan.
“Ik had nog even naar buiten gewild en dan kan ik net zo goed deze envelop bij hen in de bus doen, dan weet ik tenminste zeker dat hij is aangekomen.”
Gemaakt nonchalant wandelt hij de deur uit en haast zich dan naar de auto.
Jeff is nieuwsgierig naar de plek waar Marjanne woont.
Het blijkt een jaren-tachtig-huis met een tuin te zijn in een mooie woonwijk.
Dat stemt hem blij. Er zit een brievenbus naast de voordeur en er staat een auto op de oprit.
Helaas zijn de gordijnen gesloten. Anders had hij best even stiekem naar binnen willen kijken…
Op zijn gemak rijdt hij naar huis.
Het idee dat hij zijn tweelingzus gaat vinden, maakt hem gelukkig.
Hij moet geduld hebben. Hij is blij dat hij daarstraks de neiging om aan te bellen, heeft onderdrukt.
Hij moet rustig afwachten en geen druk uitoefenen…
Bij zijn thuiskomst wordt hij verrast. Loek en Roos zitten voor de telefoon die op de speaker staat.
“Jeff komt net binnen!” meldt Loek.
“Wie is dat?” mimet hij.
“We hebben Marjanne aan de telefoon!”
Ze wenkt hem en wijst naar de telefoon en gebaart dat hij ook iets moet zeggen.
“Hee Marjanne, dat is snel!” zegt hij dan maar.
“Nou zeg, jij was nog sneller!” klinkt het pittig.
Ik hoorde de brievenbus, maar je was er zo gauw vandoor!”
“Ik wilde er zeker van zijn dat je mijn brief kreeg, dus heb ik hem zelf maar even gebracht.”
“Daar ben ik zo blij mee. Ik heb jouw gegevens nagekeken en ze lopen parallel met de mijne. Als je meer zekerheid nodig hebt, kunnen we een DNA test laten doen.”
Jeff negeert haar laatste opmerking.
“Ik moet ergens een nog paar fotootjes van jou hebben van toen je klein was,” bedenkt Jeff.
“Mijn vader heeft er een paar voor zichzelf gemaakt toen jij in de couveuse lag en later heeft hij er een paar van jouw pleegouders gekregen.”
Loek en Roos kijken naar Jeff die zit te stralen bij de telefoon.
“Zullen we een afspraak maken om elkaar te ontmoeten?” vraagt Marjanne.
Jeff blikt naar Roos en Loek, die beiden heftig van ja knikken.
Roos wijst op zichzelf en maakt een gebaar van in de pannen roeren. Dat is helemaal goed.
“Hebben jullie zin om zondag bij ons te komen? Roos kan heerlijk koken en Loek komt ook, die is er heel goed in om alles op te eten.” Grapt hij.
Op de achtergrond horen ze Marjanne Leo vragen en dan is ze er weer: “Wij komen heel graag. Dankjewel voor de uitnodiging!”
De tijd lijkt voorbij te kruipen, maar het wordt zondag.
Jeff heeft zijn moeder niet gekend en heeft haar alleen op foto’s gezien.
Eindelijk rijdt de auto voor. Het is dezelfde die Jeff op de oprit heeft zien staan. Ze stappen uit en Jeff weet gelijk dat het waar moet zijn. Marjanne lijkt sprekend op de foto van zijn moeder die op zijn kantoor hangt.
Met z’n drieën halen ze de gasten binnen, waarbij Jeff zijn armen uitbreidt, waarin Marjanne zich zonder enige aarzeling laat vangen.
Leo aanschouwt het met een grote glimlach.
Hij wendt zich tot Loek: “Lieve Loek, je was laatst niet verkeerd verbonden en je had geen verkeerd nummer gekozen. Je hebt precies het juiste nummer gevonden en ingetoetst.
Daar zijn wij, Marjanne en ik, je heel dankbaar voor!”


Geef een reactie