Erwtensoep

Mijn schoonmoeder, Antonia, werd geboren in het jaar 1901.

Ik leerde haar kennen in de zomer van 1966, toen mijn latere echtgenoot mij voor het eerst meenam naar zijn ouderlijk huis.

Het vrijstaande huis met de wit geverfde muren en het rode pannendak was gelegen aan de buitenzijde van een vriendelijk Fries dorp waar je in die tijd nog zo ver van je af kon kijken, dat je ’s avonds de zon in het weiland kon zien ondergaan.

Ik was onder de indruk van de stevige, maar ook statige vrouw met de ongewoon dikke zilverwitte haardos.

Wij werden naar de voorkamer van het huis geleid, vanwaar wij ver over de velden konden uitkijken.

Antonia bracht de koffie binnen en had een geurige cake aangesneden. Saja, de zwart/witte spaniël volgde haar, wetend dat er voor hem ook iets lekkers op het dienblad lag. Daarna liep ze terug naar achteren en kwam terug met de bloemen die ik had meegebracht en die ze kunstig in een vaas had geschikt. Het viel mij op de vensterbanken vol stonden met weelderig bloeiende planten. Mijn a.s. schoonmoeder bleek groene vingers te hebben.

Het eerste bezoek bleek een succes aan beide kanten en mijn a.s. schoonouders luisterden vol belangstelling naar hetgeen ik vertelde over mijn werk en mijn familie.

Daarna hoorde ik verhalen over hun familie en Harm, mijn a.s. schoonvader wist met enkele anekdotes de lachers op zijn hand te krijgen.

Na de koffie kreeg ik een rondleiding door het huis. De vertrekken waren niet groot, maar het waren er wel veel.

In de maanden die volgden kwam ik steeds vaker mee naar Friesland en ik werd dikke vrienden met Saja, die het liefste de hele dag wilde spelen. Na een nachtdienst lag ik met mooi weer wel eens buiten op het grasveld te slapen, maar als Saja dat ontdekte zocht hij een stok die hij eerst afgesabbeld had en daarna legde hij hem op mijn kuiten. En of ik wilde of niet, ik moest die stok weggooien.

Pagina 3

Antonia wist mij tijdens die bezoeken ook aardig bezig te houden. Ze leerde mij de werkbroeken van mijn man, toen nog mijn verloofde, in een emmer met sop, gescheiden van het andere wasgoed te wassen. Dat ging met een stamper. Dat was een koperen bus aan een houten steel, waarin een verende binnen-bus met gaten zat en daarmee moest ik de broek, die in een emmer sop zat, tweehonderd keer stampen. Daarna een aantal malen uitspoelen en dan buiten te drogen hangen.

Nadat ik dat ritueel al menig keer had uitgevoerd informeerde ik bij mijn schoonmoeder waarom die broeken niet gewoon in de wasmachine gingen. Dat leek mij veel handiger. Er stond in de bijkeuken een prachtige Miele met een wit geborduurd kleedje erover; maar die werd, als ik er was, nooit gebruikt.

Dat was een foutje van mij en mijn schoonmoeder legde mij uit dat ik mij moest kunnen redden met de was, ook zonder machine. Later bleek haar gelijk, toen wij trouwden en ik het maanden zonder wasmachine moest stellen.

Wij trouwden in de zomer van 1967.

Aan het einde van dat jaar kregen we van mijn vader een grote pan cadeau, waarin we ruim zes liter soep konden koken. Hij noemde het een familie-pan.

De derde week in januari 1968, kwamen mijn schoonouders bij ons logeren, een nieuw geboren traditie die zij jaren lang in stand hielden. Dat brak de lange wintermaanden en bovendien viel hun trouwdag in die week, zodat die dagen extra feestelijk en gezellig waren.

Het leek mij een goed plan om bij zo’n gelegenheid eens erwtensoep te maken, maar ik had dat nog nooit gedaan en zeker niet in zo’n grote familie-pan.

Antonia vond het een geweldig idee en zij wist hoe dat moest, ook in grote hoeveelheden. Zij had het weer geleerd van haar moeder; dus het recept dat ik voor u ga uitschrijven is zeker al honderdvijftig jaar oud, weliswaar met een paar hedendaagse toevoegingen, zoals de bouillonblokjes.

Pagina 3

Erwtensoep

Boodschappen:

-1 Hips of 1 kilo dikke vleesribbetjes
-2 a 3 rookworsten
-2 groentebouillonblokjes
-2 pakken spliterwten
-1 Selderijknol met groen
-2 preien
-2 winterwortels eventueel
-1 ui

Bereiden:

-Spliterwten goed spoelen en in de pan leggen.
-Hips of ribjes zo nodig afspoelen en op de erwten leggen.
-De pan 2/3 vullen met water en op het vuur zetten.
-Wat zout en de bouillonblokjes erbij.
-Geregeld even doorroeren.
-Snijd de groenten: de selderijknol en de wortels in blokjes en de preien in ringen.
-Alle groenten ineens toevoegen en zo nodig water erbij zodat de groenten net onder staan.
-Soep aan de kook brengen.
-Als de soep kookt, 21/2 of 3 uur op laag vuur aan de kook houden en geregeld roeren, zodat de erwten niet aan de bodem vastbakken.
-Als het vlees loskomt van de botten het vlees uit de pan vissen en ontdoen van botten en kraakbeen en andere ongerechtigheden.
-Dan het vlees terugdoen in de pan.
-2 rookworsten in plakjes snijden en in de soep doen.
-Eventueel later een derde worst erbij.
-Het groen van de selderij afspoelen, fijn snijden en ook in de soep doen.

-Het geheel goed doorroeren

-De soep is goed als de houten lepel er rechtop in blijft staan!


Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *