Anno december 2023
Aurora werd geboren tijdens de dageraad op 30 december 1823.
Zij is een nakomeling van de dochter van koningin Leah en
koning Stefan, eveneens Aurora genaamd, die in de veertiende
eeuw een koninkrijk bestierden.
Naam en plaats zijn niet bekend.
Deze Aurora, later bekend als Doornroosje, overleefde de
betovering van de boze fee Themis die haar door middel van een
prik aan een vergiftigd spinnenwiel wilde doden.
Een andere fee, Venus, verzachtte de vloek en bepaalde dat zij,
zodra zij geprikt was, met alle mensen om haar heen zou gaan
slapen tot op de dag dat een prins haar zou wekken waardoor de
betovering zou worden verbroken.
Honderd jaren waren verstreken toen prins Phillip haar vond en
de betovering wist te verbreken door haar wakker te kussen.
Hij werd op slag verliefd en trouwde met haar.
Zoals dat gaat in een sprookje, leefden zij lang en gelukkig.
Bijna vijfhonderd jaar later werd er in laag Keppel vanuit dat
geslacht opnieuw een Aurora geboren.
Zij groeide op tot een mooie jonge vrouw.
Zij had geen zusters, alleen drie broers.
Aurora hield van het buitenleven, van de tuinen met zijn bloemen
en kruiden en van de dieren die op het landgoed leefden..
Men bracht zieke mensen bij haar die zij vaak wist te genezen met
haar geneeskrachtige kruiden.
Chronische pijnen verzachtte ze met haar zelfgekweekte cannabis.
Daarom hield iedereen van haar.
In de vroege ochtend reed ze op Fanny, haar bruine vos, langs de
IJssel en aan het eind van de dag maakte ze graag een rit door de
Keppelse bossen.
Zij was behendig in het bestijgen van het paard en wist het dier,
zoals een jonge man, ook zonder zadel prima onder controle te
houden.
Vaak zag men haar op haar bruine vos over de velden stuiven met
mantel en haren wapperend in de wind.
Toen Aurora zestien jaar werd, had ze de huwbare leeftijd bereikt.
Sindsdien ging de tijd aan haar voorbij waarbij ze wonderlijk
genoeg niet ouder werd.
Door de jaren heen kwamen vele jonge mannen, edelen en ridders
om haar hand vragen.
Ze brachten geschenken zoals bloemen, juwelen en prachtige
gewaden en kwamen met beloftes om al hetgeen ze bezaten aan
haar voeten te leggen.
Een enkeling beloofde haar de wijde wereld in te trekken om rijk
terug te keren hopend dat hij in staat zou zijn een grote
bruidsschat te betalen…
Maar de mooie Aurora wilde wachten op de ware liefde.
Ze bleef bij haar ouders wonen en zag ze oud worden.
Ze werden beiden zeventig jaar en stierven kort na elkaar.
Haar broers erfden het kasteel.
Direct na de begrafenis kwamen er drie koetsen voorrijden
gevolgd door platte wagens met huisraad en personeel.
De broers waren niet blij met de aanwezigheid van hun jong
blijvende zuster.
Bovendien werden hun echtgenotes verteerd door jaloezie op de
jeugdige schoonheid van hun schoonzuster en dat kwam de sfeer
in huis niet ten goede.
Een extra pijnpunt was dat de aanwezigheid van Aurora de
huwelijkskansen van hun dochters doorkruiste.
Wanneer zich een kandidaat voor een van de dochters meldde en
hij kreeg Aurora in het vizier, dan wilde hij maar een ding:
Trouwen met Aurora.
Dit werd erger en erger naarmate de tijd verstreek.
Na enkele jaren was het zover dat de nichtjes er naast Aurora oud
uitzagen.
De familie wilde van haar af.
Ze moest zo spoedig mogelijk trouwen met een kandidaat die haar
broers geschikt vonden of ze moest gedood worden.
Aurora weigerde te trouwen omdat ze nog steeds op zoek was
naar haar grote liefde en toen besloten de broers onder druk van
hun echtgenotes dat ze Aurora zouden vermoorden.
Ze brouwden drankje met een langzaam werkend gif en zorgden
dat Aurora dat binnenkreeg.
Zoals ze vaker deed, maakte ze een avondrit door de Keppelse
bossen en toen ze het moerassige gebied aan het begin van de
Prinsenweg bereikte, werd ze onwel en viel van haar paard.
Fanny verliet haar niet.
Ze duwde Aurora aan met haar snuit en wilde dat ze overeind
kwam.
Het begon snel donker te worden onder de bomen en Fanny
knielde en legde zich tegen Aurora om haar te beschermen.
Toen Aurora die avond niet naar huis kwam, nam niemand van
de familie de moeite om haar te gaan zoeken.
Ze wisten wat ze gedaan hadden en omdat Aurora niet
thuisgekomen was, namen ze aan dat hun snode plan was gelukt.
Ze besloten om een groot feest te geven om te proberen hun
dochters alsnog aan de man te krijgen nu Aurora uit de weg was.
Aurora lag weken in het moeras met haar trouwe Fanny.
Toen ontwaakte zij…
Langzaam kwam ze overeind en legde haar hand op Fanny.
Ze klakte met haar tong en fluisterde lieve woorden in het oor van
haar paard.
Fanny kwam overeind en Aurora voelde dat er iets veranderd was.
Elke beweging die ze maakte, veroorzaakte een mistige wolk.
Ze legde haar hand op Fanny’s flank en voelde dat het dier ijzig
koud was.
Ze streek haar haren uit haar gezicht en merkte dat zijzelf
eveneens ijzig aanvoelde…
Ze slingerde zich op Fanny’s rug en daar gingen ze, direct in
galop…
Dat kon toch niet zo; dat is niet goed, dacht Aurora, maar ze kon
niets doen om Fanny in te houden.
Ze vlogen door dicht struikgewas en ze werd door geen takje
geraakt…
Ze keek om en zag dat ze in een wolk reden voor iedereen
onzichtbaar. Wel hoorde ze de cadans van de hoeven en dat was
een prettig geluid.
We zijn in het jaar 2023 in de maand december.
Amy woont aan de rand van Keppel.
Ze heeft de kerstdrukte achter de rug en de familie is naar huis
gegaan.
Ze heeft opgeruimd, beddengoed gewassen, verse bloemen
gekocht en in een vaas gezet…
Het eten wordt een kant-en-klaar maaltijd, want ze is er nu aan
toe om even lekker met de hond het bos in te gaan.
Het is al vroeg donker, maar ze kent de weg en heeft geen angst in
het ‘vriendelijke’ bos.
Ze loopt de Oude Zutphense weg af, richting de oude Aviko.
Het schemert en dat schept een aparte sfeer.
Op de hoek van de Tolstraat staat een enkele straatlantaarn en
door het maanlicht dat achter een dun wolkendek verscholen zit,
steken de staketsels van de Avikovilla spookachtig af tegen de
beboste achtergrond.
Opeens is daar het roffelende geluid van paardenhoeven.
Amy kijkt om, ziet niets, maar roept Bruno bij zich:
“Kom Bruno, kom bij het vrouwtje…”
Amy lijnt de hond aan en kijkt in de richting waar het geroffel van
de hoeven vandaan komt.
Het geluid wordt luider en komt snel naderbij.
Het vreemde is dat het geluid uit het struikgewas lijkt te komen,
vanaf de Rode Beek; maar dat kan toch niet?
Mens of dier zou zijn nek breken in die wirwar van
braamstruiken.
Bruno drukt zich stijf tegen Amy’s benen. Hij gromt zachtjes…
Opeens doemt er voor Amy een grijze mist op.
Het staccato dringt zich onverminderd op.
Dan doemt uit de mist een beeldschone jonge vrouw op in
zwierige zit op de rug van een paard.
Bij het oversteken van de weg raken de hoeven van het paard het
asfalt niet, maar zodra zij aan de overkant zijn klinkt de cadans
weer op, nu in afnemende mate terwijl paard en ruiter door een
nieuwe mistwolk worden opgenomen en daardoor uit het zicht
verdwijnen.
Amy is verbijsterd.
Ze weet niets van Aurora en de boosaardige familie.
Wel weet ze dat ze iets bijzonders heeft mogen aanschouwen.
Ze zou thuis willen vertellen wat ze gezien heeft, maar besluit het
voor zich te houden.
Ze weet dat ze uitgelachen gaat worden en op elk feestje zal haar
belevenis belachelijk worden gemaakt.
Het voelt als iets intiems, als een gedeeld geheim met die
prachtige geheimzinnige vrouw.
Met de Spookprinses.


Geef een reactie