Anno 1986
Ruud en ik hadden die herfst een vliegvakantie naar Gran Canaria geboekt met onze jongste zoon Philip. We hadden een aardige bungalow besproken gelegen in een vrij nieuw aangelegd park en, om minder prettige verrassingen te voorkomen, regelden we de reis via een gerenommeerd reisbureau. Voor onze vijfjarige zoon was het vliegen een opwindend avontuur en dit werd zijn tweede vliegreis.
Net als het jaar daarvoor wilde hij op reis zijn vliegtuig-trui aan en ook las ik hem, net als het vorige jaar, wekenlang elke dag voor uit: Snoopy in het vliegtuig.
We vlogen om 17.30 uur en het duurde niet lang voor we met turbulentie te maken kregen. Er werd ons verteld dat dit te maken had met zware onweersbuien op onze route verder naar het zuiden. Er gingen lampjes aan met ‘riemen vast’ en iedereen moest op zijn plaats blijven zitten.
Opeens klonk de stem van de piloot door de luidspreker. Hij legde uit dat het niet mogelijk was om de buien te ontwijken, omdat de weerradar kapot was. Daarom moesten we een noodlanding maken op het vliegveld van Madrid; daar zou de radar worden gerepareerd. We waren daar al in de buurt en spoedig werd de landing ingezet.
In die tijd werd Spanje geteisterd door de ETA, een terroristische organisatie, die een onafhankelijke socialistische Baskische staat wilde stichten. Er werden bomaanslagen gepleegd en daarom zag je
overal gewapende militairen; ze stonden zelfs voor de vakantieparken.
Zodra we geland waren moesten wij, met de verdere passagiers, het vliegtuig verlaten en werden we door één enkele ingang de hal van het luchthaven-gebouw binnengeleid, geflankeerd door gewapende soldaten. Het smalle middendeel was verlicht en afgezet met paaltjes die met elkaar verbonden waren door een koord. Daarbuiten was slechts vage voetverlichting. Ruud en ik bevonden ons zo ongeveer midden in de rij van die enorme hoeveelheid mensen, die stuk voor stuk van die drie of vier beschikbare toiletten gebruik wilden maken. Ik had het Spaans benauwd en voelde mij niet in staat te wachten tot wij aan de beurt zouden komen.
Ik keek om mij heen en zag enkele soldaten voor- en achteraan langs de rij staan. Ik vroeg Ruud om Philip op zijn arm te nemen en af te leiden en ik fluisterde hem toe dat ik in het gedeelte met slechts het vage voetlicht een toilet ging zoeken.
Ik stapte over het koord en hoefde niet ver te zoeken. Toen ik even later helemaal opgelucht de deur van het toilet opende, stond daar een bewapende militair die in het Spaans tegen mij schreeuwde, mij ruw bij de arm pakte en naar buiten trok. Daarna ging hij het toilet binnen en controleerde of ik daar niets had achtergelaten… Dacht hij aan een bom of zo..? Hij richtte zijn geweer op mij en ik moest meelopen. Opnieuw kreeg ik het Spaans benauwd, want die soldaat was zo boos, dat ik bang was dat hij mij in een cel zou stoppen.
Gelukkig gebeurde dat niet. Een tweede militair heeft mij in het Spaans heel streng toegesproken en misschien was het maar goed dat ik het Spaans niet beheers. Het enige dat ik wist te doen was mijn hand op mijn hart leggen en sorry zeggen… Tot mijn opluchting werd ik na de reprimandes keurig in de rij bij Ruud en Philip afgeleverd. Ze wisten dus precies waar ik uit de rij was gestapt.
Midden in de nacht om half een was de reparatie voltooid en konden we het vliegtuig weer in.
Uren te laat aangekomen op Gran Canaria stapten we tegen half drie doodmoe in een transfer bus en hoopten snel op ons vakantieadres te worden afgezet; maar dat verliep totaal anders. We hadden (te) lang gereden en moesten de bus verlaten op een plek waar wij niet besproken hadden en het ergste was, dat wij ons huis met vreemden moesten delen. Toen wij weigerden, werd gedreigd met het inschakelen van politie. Omdat wij ons kind bij ons hadden, hij was helemaal op, gaven we op dat moment toe.
Binnen in het huis zag het er bepaald niet fris uit en ik haalde badlakens uit de koffer en liet Philip daartussen slapen. Ruud en ik bleven op. De volgende morgen regelde Ruud een taxi en verlieten we de gribus; we lieten ons naar het park brengen waar wij een bungalow hadden besproken èn vooruit betaald.
Toen wij daar aankwamen werd ons door een kille jongeman medegedeeld dat de bungalow niet voor ons beschikbaar was vanwege overboeking en hij sommeerde
ons te vertrekken. Wij plaatsten onze koffers in de hal en lieten ons niet wegsturen. De man liet ons enige tijd in ons sop gaarkoken, maar wij waren vastbesloten om niet toe te geven. Er kwamen meerdere mensen binnen en wij spraken met enkelen van hen en legden uit waarom wij daar zaten. Dat zinde de man niet. Vervolgens werd er weer met politie gedreigd, maar toen Ruud onze papieren liet zien met de bevestiging van de reservering èn het bewijs van betaling, verdween die akelige man die ons had willen afbluffen.
Niet lang daarna kwam een uitstekend Engels sprekende dame de ontvangsthal binnen. Volgens haar was er sprake van een vervelend misverstand en zij verzekerde ons dat zij er alles aan zou doen om de zaak zo snel mogelijk tot onze tevredenheid op te lossen. Wij kregen iets te drinken aangeboden en het duurde niet lang of wij werden opgehaald en naar ons onderkomen voor die week gebracht en we hoefden zelfs onze bagage niet zelf te dragen. Het was een mooiere locatie en een groter en luxer huis dan wij hadden besproken. Dat gaven wij aan, omdat wij na die valse start en het verlies van onze eerste vakantiedag er niets voor voelden om achteraf ook nog eens te moeten bijbetalen.
Daar hoefden wij ons echter geen zorgen over te maken, stelde de dame ons gerust. Zo onbehoorlijk als wij bij onze aankomst werden bejegend, zo werden we nu in de watten gelegd.
We kregen meerdere excursies gratis aangeboden, maar volgden zoals altijd toch ons eigen pad.
Verder werd ons dringend verzocht het ‘misverstand’ niet te melden bij onze reisorganisatie…
Vanaf het begin van de vakantie was de wet van Murphy in werking getreden, wat gelukkig geen vat had op onze Philip, die een heerlijke vakantie had. Ik zal u niet vervelen met de ongelukjes die Ruud en mij overkwamen en de fysieke ongemakken die daardoor ontstonden.…
Wij waren na die week zo blij weer thuis te komen in ons weliswaar natte, koude, maar vooral vertrouwde gastvrije Nederland…


Geef een reactie