Wandelen in het maanlicht

Wandelen in het maanlicht – Anno 2023

Het was een prachtige avond. Maan en sterren verlichtten het pad onder de bomen van het Keppelse bos zodanig, dat het mogelijk was zonder zaklantaarn de Hessenweg af te wandelen. Dit leek mij de ideale avond om deze wandeling van Laag- naar Hoog Keppel te maken en weer terug, waarbij ik het bos voor mij alleen dacht te hebben. Daarbij zou ik gebruik maken van het fietspad, dat ik goed kende, zodat ik niet bang hoefde te zijn om te struikelen door een kuil in het zandpad. Het Keppelse bos voelde altijd veilig.

Toen ik op de Hessenweg liep ter hoogte van het Melkers pad, kwam mij een auto achterop. Dat vond ik vreemd, want de Hessenweg is een bosweg, die niet toegankelijk is voor auto’s; hooguit komt er overdag een trekker langs van een boer die daar een stuk land heeft liggen. Ik verschool mij tussen de bomen en zag de auto het Melkers pad op draaien. Nieuwsgierig bleef ik staan, want dat pad is een wandelpad; en in de tientallen jaren dat ik door dit bos wandel, heb ik daar nooit eerder een auto gezien. De auto reed langzaam door tot aan het golfterrein en even zag ik de remlichten oplichten. Hij draaide iets bij naar links en bleef staan.

Mijn fantasie sloeg op hol. Waar was ik getuige van, zou daar verderop een ontmoetingsplaats zijn van drugshandelaren? Op de Veluwe was ooit iemand vermoord, die iets had gezien dat hem het leven kostte… Wat zouden zij doen als ze mij ontdekten? Opeens lichtten de achteruitrijlampen op; de auto draaide en kwam vrij snel mijn richting uit gereden. Ik werd bang en verstopte mij achter een dikke boom. Zouden ze mij hebben gezien? Was het mogelijk dat mijn silhouet vanaf het golfterrein zichtbaar was geweest in het licht van de maan? Zouden ze mij zoeken? Mijn hart bonsde…

Voor de Hessenweg stopte de auto. De koplampen schenen aan weerskanten langs de boom waarachter ik mij had verborgen. Ik durfde nauwelijks adem te halen en zorgde ervoor niet te bewegen… Het leek een eeuwigheid te duren voordat de auto opeens gas gaf en linksaf sloeg in de richting van Laag Keppel. Zo gauw de auto uit het zicht was, stapte ik uit

mijn schuilplaats en liep zo snel ik kon naar Hoog Keppel, bang als ik was dat de auto mij alsnog achterop zou komen, als ze mij niet in de richting van Laag Keppel ontdekten. Eenmaal in Hoog Keppel belde ik een van mijn zonen, die zeer snel ter plaatse was om mij naar huis te brengen. Toen ik thuis was verdween mijn angst, maar wat ik in het bos gezien had maakte mij onrustig; ik vond het vreemd.

De volgende morgen kwam mijn oudste zoon en hoorde mijn verhaal met een vleugje humor aan. “Als ik jou was, zou ik de boswachter bellen en vertellen wat ik had gezien.” Hij knikte mij toe: “Meestal is er voor iets geks een eenvoudige verklaring en als je eenmaal weet wat erachter steekt ben je gerust.” Dat was een goede raad. Ik zette de koffie aan en ging bellen.

“Gijs hier,” hoorde ik aan de andere kant van de lijn. “Ha Gijs, met Cornelia,” zei ik. “Ik heb een vraagje. Gisteravond, toen het al donker was, wilde ik een wandeling maken over de Hessenweg naar Hoog Keppel en weer terug. Ik zag iets raars. Toen ik zo ongeveer bij het Melkers pad was, kwam mij een auto achterop en die reed het Melkers pad op.”

“O, was jij daar? Ik heb je niet gezien, anders was ik wel even uitgestapt.”

“Goed dat je dat niet hebt gedaan, want ik was absoluut van schrik dood neergevallen.” Gijs grinnikte en gaf uitleg waarom zij zich daar in het donker bevonden. “Wij waren daar om wild te tellen. Dat gebeurt nu en dan om de wildstand in de gaten te houden. Op vrijdag is er alleen een avondtelling en zaterdag is er een ochtend en een avondtelling. Elke waarneming krijgt een nummer en wordt aangetekend op een kaart. Zo hebben alle reeën een haarvlek op hun achterkant, dat noemen we een spiegel; bij de bok is die niervormig en een geit heeft een hartvormige vlek met een schuin naar achteren en beneden uitstekend haartoefje. Dus als je vanavond weer het bos in gaat, dan weet je dat wij het zijn.”

“Dank je wel! Ik denk niet dat ik weer zo laat het bos in ga… Mijn zonen vinden dat een minder goed idee…”

“Zie je nou wel, niks om je over op te winden!” zei mijn zoon nadat ik had opgehangen. Stiekem geneerde ik me omdat ik drukte om niets had gemaakt. Ik schonk hem maar gauw een beker koffie in…


Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *